Showing posts with label schrijver. Show all posts
Showing posts with label schrijver. Show all posts
Wednesday, October 16, 2013 0 comments

Review: If I Should Die - Amy Plum [NL&ENG]


(English one is below)

NL versie


Review If I Should Die - Amy Plum

Ik heb echt heel lang gewacht met het recenseren van deze titel. Niet omdat ik geen tijd had, maar gewoonweg omdat ik echt geen zin had om zoveel negativiteit te moeten spuien. Toch vind ik dat het nu eens moet gebeuren.

If I Should Die gaat verder waar Until I Die ophield, namelijk dat het vriendje van Kate, Vincent, dood is en dat ze hem weer tot leven wil wekken en terughalen. Dat is ook eigenlijk al genoeg gezegd.

Het is namelijk zo dat het HALVE boek over dit hele gebeuren gaat. Nee, we gaan niet lekker in de actie, of in de liefde, of in het mysterie, we krijgen gewoon 150 pagina’s gezeur van de hoofdpersoon te lezen.
Ja, ze wil hem tot leven wekken, dat weten we nu al wel, hoor! Ik zat echt heel lang te wachten tot het eindelijk zo ver was, want ja, natuurlijk wist ik allang dat het wel goed zou komen. Het was echt een lange sleur.

Bovendien heeft Amy Plum haar boek echt vol gegooid met nutteloze scènes, zoals gesprekken tussen de hoofdpersoon en de grootouders over dat ze veilig moet doen, ja echt heel boeiend. In plaats van dat er in elk hoofdstuk weer een nieuw onderdeel van het plot wordt verteld, krijgen we een idioot uitsmeersel dat me het idee geeft dat de auteur gewoonweg niet wist wat ze moest doen om het te rekken.

Eenmaal bij de reanimatie aangekomen heb ik veelvuldig gegaapt door de saaiheid. Dat niet alleen, maar ik moest soms ook het boek aan de kant leggen, zo irritant werd het. De kunstjes die ze uithalen zijn echt niet goed uitgedacht en voelen alsof ze uit de lucht zijn komen vallen, omdat dat nou eenmaal lekker makkelijk was om de boel op te lossen (lees: Deus Ex Machina).

Natuurlijk ben ik nog steeds niet te spreken over de liefde tussen Vincent en Kate, die schijnbaar enkel op lust berust is, aangezien ik nog steeds geen idee heb waarom die twee op elkaar gevallen zijn. Het was er gewoon en klaar. Ik geloof er niet in, dit maakt het zwak.

Dan komt ook nog het feit dat ik al in boek twee wist dat Kate eigenlijk de champion was. Ik had het al gezegd, en o ja hoor, daar is hij dan. Ik rolde mijn ogen erbij toen ik het las. Ja, dit was ‘het grote geheim’ van het hele boek. Nou, wat een groot geheim, zo groot, dat ze alles al had verklapt in boek twee. Waarom moet ik dan boek drie nog spannend vinden?

De laatste honderd tot vijftig pagina’s is waar het allemaal om draait, namelijk het gevecht tussen de ‘goeieriken’ en de ‘slechteriken’. Nou, dat was snel voorbij. Het sloeg nergens op, voelde echt out-of-character en de opper slechterik ging als eerste dood. Hoezo slap einde.

Natuurlijk is het eind goed al goed, ondanks dat de grote baas van de goeieriken dood is, gaan ze toch lekker verder alsof er niets aan de hand. Wat? Ze kenden elkaar al tweehonderd jaar en iedereen is er zo overheen? Het boek eindigt met iemands dood en vervolgens gaan die twee lovebirds over een brug van de Seine lopen om te zoenen?

Dit boek is echt misselijkmakend saai en vreemd geschreven. De schrijfstijl is ook ouderwets en de karakters denken niet zoals echte mensen, maar zoals mensen uit de zestiende eeuw, zo oud dat het is opgeschreven.
Ik heb er echt spijt van dat ik deze boekenreeks heb opgepakt. Geen aanrader dus.

Sterren: 2/5

ENG Version


Also posted on Goodreads: https://www.goodreads.com/review/show/491374290


Review If I Should Die - Amy Plum

I really put off reviewing this one. Not because I didn’t have time, but just because I really didn’t like having to spew the negative feeling this book left me. Still, I think I should.

If I Should Die starts off where Until I Die left. Kate’s boyfriend Vincent is dead and she wants to resurrect him and get him back. That’s actually pretty much what this entire book is about.

You see, at least HALF of the entire book is about this. No, we’re not going to enjoy some action, some love or some mystery; we just get 150 pages of whine from the main character.
Yes, she wants him alive again, and we know that already, thank you! I don’t need to hear it for a 150 pages. I was really waiting until they got on with it, because yeah, of course we already knew it was going to be alright. That’s Amy Plum - happy forever after, always. It was really one big annoying book.

Besides, Amy Plum has filled the book with useless nonsense, like conversations between the main character and her grandparents about being safe with the revenants, yeah, really interesting. Not. Instead of having a new plot item revealing in each chapter, we get an idiotic one-sided plot that’s spread out across the book like peanut butter on a sandwich. It gives me the idea the author just didn’t know what the heck to do with the book and just drag it on as much as possible.

When we finally arrive at the reanimation, I’ve been yawning profusely. Not only that, but sometimes I just had to throw the book aside, because I found it so annoying. The tricks the characters pull are just not realistic or well thought out, like they came falling from the sky, because well, it probably was an easy way to fix plot problems (Read: Deus Ex Machina).

Of course I’m still not happy with this so called Love between Vincent and Kate, which is apparently only based on lust. I still don’t get why those two ever fell in love. It was just there. Suddenly. Out of nowhere. And all they say is ‘I love you’ without saying why. I don’t get it. I don’t believe it and it’s fake, which makes it incredibly weak.

Then there’s the fact that I already knew Kate was the champion. I already said it, and oh dear, here it is. I was rolling my eyes with no end when I read it. Yes, this was the “big secret” of this book. Well, what a big secret … so big, Amy Plum had already spoiled it in book two. What am I supposed to find exciting about this?

The last hundred to fifty pages is what it’s all about; the fight between the good guys and the bad guys. Well, that was over quick. It didn’t make any sense, felt really out-of-character and the big bad guy died first. What do you mean a weak ending? This is the perfect example.

Of course, all's well that ends well. Even though the big boss of the good guys is dead, the rest of the guys still go on like it’s no big deal. What? They’ve known each other for two hundred years or so, and everyone’s just over it? Like that? The book ends with someone dying and the next thing you know the two lovebirds go walk across a bridge to make out?

This book is somehow strange and makes me feel sick. It’s weirdly written as well, since the characters talk and think like people from the middle ages. It’s really written in old language, not realistic.
I regret ever buying this series. Not one I would recommend.

Stars: 2/5

Saturday, July 13, 2013 1 comments

Review/Recensie: Inferno - Dan Brown [NL&ENG]

(English one below)


NL versie


Review/Recensie Inferno -Dan Brown



Het is een tijd geleden dat ik iets anders heb gelezen dan Paranormal Romance. Ik heb het vorige boek van Dan Brown ook gelezen en heb de films ook allemaal gezien, dus ik dacht, kom, ik lees ook het volgende boek.

Inferno van Dan Brown gaat natuurlijk weer over Robert Langdon die een aantal mysterieuze problemen moet oplossen door gebruik te maken van symboliek. Hij wordt weer achterna gezeten door één of andere geheime organisatie en moet met een hulpje de wereld redden.

Kort gezegd, en dat is ook gelijk negatief punt nummer één, is het plot weer een herschreven versie van alle andere boeken die Dan Brown al geschreven heeft. Zelfde verhaal, zelfde ingrediënten, zelfde stijl, zelfde plot, alleen met een ander sausje (namelijk de setting en het onderwerp). Dit maakt het verhaal zacht gezegd saai.

Volgende probleem. Al bij pagina 20 weet ik waar het boek de volgende 300 pagina’s over gaat. De kleine ‘hints’ die Dan Brown erin gooit zijn zo klein nog niet en zo’n beetje elke slimme lezer kan gelijk doorhebben waar het boek naartoe wil. Dit vind ik erg jammer, want er wordt niets aan de verassing overgelaten. Alle feiten worden gewoon in onze gezichten gesmeten en 50 pagina’s later nog een keer verteld, alsof we het allemaal nog niet wisten of vergeten waren.

Dan nog iets. Ik haat het dat Dan Brown telkens van perspectief wisselt. Het maakt het zo slap. De spanning is totaal weg. Waarom? Nou ik geef een voorbeeld. In de eerste scene zien we Robert en zijn hulpje rennen. Het perspectief wisselt naar het hulpje. Die komt erachter dat een toerist die met hen meereist toch eigenlijk niet te vertrouwen is. Ze verdenkt hem en wil het Robert vertellen. Dan komt er weer een perspectief wissel en zien we alles weer vanuit Roberts oogpunt. Ze vertelt het hem en hij reageert ongeveer zo: “OOOOOH, echt waar? NEEE, dat meen je niet?” -.-’
Dan heb ik echt de neiging om het boek uit het raam te gooien. Kom op zeg. Als je als schrijver verschillende perspectieven gebruikt, zorg dan ook dat er nog steeds geheimen in het verhaal zitten die niet zichtbaar zijn voor de lezer. Er moeten juist dingen zijn die we niet zien, horen of kunnen opmerken uit de gedachtes van de karakters. DAT is wat een boek spannend maakt. Niet alles verklappen en uitleggen.

Nog een vervelend punt. Dit boek voelde meer als een soort toeristen boottocht. Het ging van plek naar plek, stad naar stad, zonder logische redenen anders dan ‘ja, dat lijkt me ook leuk om te laten zien’ (ik denk dat Dan Brown dat ook dacht, toen hij dit schreef). Gek genoeg heeft Langdon ook uitzonderlijk veel tijd om alles uit te leggen over zijn omgeving, terwijl hij notabene op de vlucht is voor iemand die hem wil vermoorden. Natuurlijk, als er man met een pistool achter je aankomt, neem je de tijd om de briljante gebouwen in je op te nemen.
Uhm … ja …

Het volgende was dan eigenlijk wel de druppel. In het boek worden spullen gebruikt om Langdon te tonen waar hij heen moet. Een pen met een hologram erin, een masker met daarop teksten. De slechterik heeft die dingen erop gezet. Ja, dat doen mensen ook, ze zetten expres hun plan, in cryptische symbolen, op vreemde objecten, geven het aan de persoon die hen moet vinden, omdat ze het zo leuk vinden om gepakt te worden?
Uh, wat? /facepalm x3.
Het hele boek heb ik gewacht tot eindelijk werd uitgelegd waarom in hemelsnaam de slechterik zijn plannen letterlijk weggeeft aan Langdon (alsof hij ook echt wist dat Langdon dat allemaal ging doen!) zonder dat het een voordeel voor hem oplevert.
En guess what? Niets. Helemaal niets.

Eén mooi punt aan het boek: de kwestie waar het om draait, namelijk, wanneer iets rechtvaardig is, maar moraal gezien niet door de beugel kan. Waarvoor kies je dan?

Aan het einde krijgen we nog een epiloog dat enkel bestaat uit een scene waarin Langdon zijn obsessie voor zijn Mickey Mouse horloge (serieus ik wil NOOIT meer zo’n horloge zien, want ik smijt hem kapot) voor de miljoenste keer laat zien (want daar heeft hij het hele boek over gezeikt) en kijkt hij nog eenmaal uit het raam om het uitzicht te bewonderen. Nou zeg, wat een fantastisch eind. Zo poëtisch ….
Ik sloeg het boek dicht en dacht: ‘is dit het nu echt?’. Is deze man hiermee rijk geworden? Ik vind het echt prut boeken, eerlijk gezegd.

Jammer. Zeer jammer. Hoe is deze hype ooit ontstaan?

Sterren: 2/5


ENG Version


Also posted on Goodreads.


Review Inferno - Dan Brown


It’s been a long time since I last read something other than Paranormal Romances. I’ve read the previous Dan Brown book and I’ve seen all the movies, so I thought, what the heck, let’s just read this one too.

Inferno by Dan Brown is, of course, all about Robert Langdon who has to solve a couple of mysteries using his amazing magic tricks where he shoots information from his head like a magician pulling rabbits from a hat. He’s hunted by some strange, secretive organization and has to save the world together with his partner in crime.

Shortly put, and that’s the first negative point of this book, the plot is just a rewritten version of all the other books Dan Brown has written. Same story, same ingredients, same style, same plot, just a different sauce (namely, the setting and subject). This makes the story boring.

Next problem. At page 20 I already know what the next 300 pages are about. The little ‘hints’ Dan Brown throws in aren’t so little and even the most dimwitted reader could see where the book was headed. I think this is very bad, because nothing is left to the surprise of the reader. All the facts are thrown into our faces and told again 50 pages later, like we didn’t know already or simply forgot about it.

Then there was something else. I hate it that Dan Brown changes the perspective on and on and on. It makes this book so weak. Why? Well, I’ll give you an example. In the first scene we see Robert and his partner running. The perspective switches to the partner. She finds out a tourist who’s travelling with them isn’t trustworthy and is up to something. She thinks he’s bad and wants to tell Robert. Then there’s another perspective switch, back to Langdon. She tells him and he says something like this: “OOOH, really? NOOO, you’re kidding, right?” -.-’

I hoped Dan Brown was kidding me. Guess not.

I had the sudden urge to hurl the book out the window. Come on. If a writer uses different perspectives, he should make sure there are still secrets in the story that aren’t visible to the reader. There have to be things we can’t see, hear or notice from the character’s mind. That’s what makes a book exciting. Not telling everything and explaining it afterward. The only thing remotely exciting about this book was after page 400. Yeah, that’s about 90 chapters into the book.

Another harsh point. This book feels more like some kind of boat ride for tourists. It visits all kinds of places, goes from city to city, all without any logical reason other than ‘yeah, that seems fun, let’s put this in’ (I think Dan Brown actually thought that when he wrote this). And then there’s Robert Langdon, who seems to have all the time in the world to describe everything about his surroundings, from the way it looks to its vast history, while he’s fleeing for his life to prevent getting killed. Yeah, when a man is hunting you with a gun in his hands, of course you take the time to take in the beautiful structures around you.
Uh … yeah … sure.

The next thing was actually the last straw. In the book, stuff was used to show Langdon where he should go next. A pen with a hologram, a mask with text on it. The bad guy put those things on there. Yeah, people actually do that, they place their plan elaborately, and in cryptic symbols, on various strange objects, give it to the person who’s supposed to hunt them down, just because they like getting caught in the act?
Uh, what? Triple face palm, right there.

The entire book I was waiting for Dan Brown to explain why in God’s name the bad guy literally gives away his plans to Langdon (as if he actually knew what Langdon was going to do! Epic mindreading!) without it giving him any advantage.
And guess what? Nothing. Nothing at all.

One good point about this book: the subject, namely, when something is justice, yet morally wrong, what would you choose?

At the end we get some epilogue that only consists of Langdon showing us his obsession for his Mickey Mouse watch (seriously, I NEVER want to see such a watch again, or I’ll break it) and he’s been whining about it the entire book. He looks one last time out the window to admire the view. Well, what a brilliant ending. Fantastic. Poetic …
I closed the book and thought to myself, ‘is this it?’. Did this man become rich with this? I think it’s pure crap, to be honest.

It’s a real pity. How did this hype ever happen?

Stars: 2/5

Thursday, June 13, 2013 0 comments

Kort Verhaal - Verloren schaduw

Ze zou nooit die dag vergeten. Die ene warme, zonnige dag dat Madelief met haar vriendje Patrick ging spelen en ze hem meenam naar de straat. In haar handjes hield ze een bal, bedoeld om mee te stoepranden. Patrick was haar beste vriendje. Elke ochtend stond ze vroeg aan zijn deur om hem mee op stap te nemen. Samen beleefden ze de leukste avonturen en hadden ze de grootste lol. De andere meisjes in de klas vonden het maar stom dat ze met een jongetje omging, maar Madelief trok zich er niets van aan. Patrick was veel leuker.
‘Kom, we gaan spelen,’ zei Madelief en ze trok Patrick aan zijn handje mee door de poort van zijn tuin. De weg lag vlak langs zijn huis.
‘Gaan we weer stoepranden?’ vroeg Patrick en hij huppelde over het pad waarbij hij sommige stenen oversloeg.
‘Ja,’ antwoordde Madelief en ze ging meedoen.
‘Ik heb daar geen zin aan,’ zei Patrick.
Madelief tuitte haar lippen en bleef staan. ‘Maar wat gaan we dan doen?’
‘Weet ik niet,’ antwoordde Patrick. Hij ging op de rand van de stoep zitten, met zijn voetjes op de straat.
Madelief nam naast hem plaats, legde de bal demonstratief naast haar neer en zuchtte. Ze keek naar haar schaduw die op de grijze straat pikzwart leek dankzij de felle zon.
‘Hé, ik weet wat,’ riep ze. ‘Laten we over onze schaduw heen springen!’ Madelief stond op.
‘Dat kan helemaal niet!’ riep Patrick.
‘Jawel, kijk maar,’ zei Madelief en ze begon te springen. Telkens hupste ze een stukje verder de straat op. Met haar ogen gericht op de vloer bleef ze naar de schaduw onder haar voetjes staren en probeerde eroverheen te springen. Het duurde wel heel lang. Maar opeens, toen ze de overkant bereikt had, verdween de schaduw. Voor haar stond een overkoepelende boom.
‘Zie je nou wel!’ riep ze en ze zwaaide naar Patrick die nog aan de andere kant van de weg stond. ‘Kom!’ riep ze.
‘Nee!’ riep Patrick terug en hij sloeg zijn armpjes over elkaar.
‘Je durft zeker niet, hè? Bangerik.’
‘Ik ben helemaal niet bang!’ Patrick stampte met zijn voeten. Toen sprong hij de weg op.
Maar er was geen schaduw meer. Getoeter, geschreeuw, een doffe bons. De motorkap was ingedeukt, de ruit aan diggelen.
Bloed vulde de straten en tranen rolden over de wangen van Madelief, toen ze besefte wat ze gedaan had.
Er was geen Patrick meer.


Tuesday, May 7, 2013 0 comments

Kort verhaal - Impact

Felle stralen van de ochtendzon verlichtten de woonkamer en lieten het er levendiger lijken. Met haar hand voor haar ogen trok Daphne de gordijnen dicht en slofte naar de keuken om een bakje koffie te zetten. Ze wist dat de cafeïne niet zou helpen haar verschrikkelijke humeur van de afgelopen tijd te verbeteren, maar het was nu eenmaal een gewoonte. Zelfs het prachtige weer buiten irriteerde haar.
Terwijl het koffiezetapparaat pruttelde, sjokte ze terug naar de woonkamer en zette ze de televisie aan. Zoals gewoonlijk was er niets interessants op te zien. Ze verbaasde zich er niet meer over.
Valentijnscadeaus schoten voorbij  in de reclames op het scherm, waardoor ze een brok in haar keel kreeg. Alles wat haar deed denken aan Richard kon ze even niet meer zien. Die walgelijke keuze van hem liet een smerige nasmaak achter. Waarom moest hij ook zo nodig moeilijk doen over kinderen? Waarom wilde hij ze zo graag? Hij wist dat Daphne totaal niet met die kleuters kon omgaan en toch bleef hij zeuren. Een paar dagen geleden was de maat vol. Weer een ruzie. Kleren gescheurd, borden gegooid, stoelen omver en zelfs de kat uit het raam. Gelukkig woonde ze op de begane grond. Nee, het was genoeg geweest. Gelukkig vertrok Richard meteen. Daphne was hem helemaal zat. Het interesseerde haar niet of hij nog terug zou komen.
In de keuken stond Daphne’s kat hongerig te mauwen. Ze liep weg bij de televisie en zette gelijk het koffiezetapparaat uit. Nadat ze de koffie in haar mok had geschonken, pakte ze de brokken. Ze zette het etensbakje op het aanrecht en de kat sprong omhoog. Terwijl de kat zijn staart onder haar kin en langs haar neus liet glijden, trok de televisie plotseling Daphne’s aandacht. De reguliere uitzending werd onderbroken voor een belangrijk bericht. Een man gekleed in een net pak verscheen op het scherm. Zijn blik serieus, doch angstig. Hij staarde naar Daphne, zo leek het, hoewel ze wist dat het maar een uitzending was. Toen hij zijn mond opendeed, kwam er een zin uit die ze nauwelijks kon geloven. Terwijl ze de brokken in de voerbak gooide, gaapte ze vol ongeloof naar het scherm. “We onderbreken dit programma voor een belangrijk bericht. De aarde zal binnen twaalf uur worden geraakt door een meteoriet.”
Het kattenvoer lag ondertussen op de keukentafel, in plaats van in de voerbak.
“De meteoriet, met een omvang van ongeveer tweehonderd kilometer, zal hoogst waarschijnlijk inslaan nabij Spanje.” Daphne zette de doos aan de kant en haastte zich naar de televisie. De man slikte en trok aan zijn kraag. “Ik herhaal, dit is geen grap. Velen van ons zullen het niet overleven.” Het zweet stond op zijn voorhoofd. “U wordt aangeraden geliefden op te zoeken. We zullen jullie voor zover mogelijk tot het laatste moment op de hoogte houden.” In zijn ogen zag Daphne de tranen al komen. Hij haalde zijn neus op. Daarna werd het scherm zwart en begon de uitzending opnieuw.
Met de afstandsbediening zapte Daphne langs alle kanalen. Overal zonden ze hetzelfde bericht uit. In het Engels, Duits, Frans en waarschijnlijk alle andere talen op kanalen die Daphne niet ontving. Allemaal met een andere presentator, maar ze zeiden hetzelfde. De wereld zou binnen twaalf uur vergaan.
Met trillende handen zette Daphne de televisie uit en strompelde ze naar de deur. De eeuwig ongenadige zon scheen op haar neer. Warm en schokkend realistisch, want waar zij stond zou het vuur ook branden. Buurmannen en buurvrouwen stroomden naar buiten. Allen keken naar elkaar met vragende blikken in hun ogen. Niemand zei iets, maar Daphne kon zien dat niemand wist wat te doen. Een enkeling begon te krijsen, een ander te jammeren. Daphne’s buurvrouw van links barstte in janken uit, terwijl ze naar Daphne rende en haar omarmde. De vrouw klemde haar vast en kneep haar bijna fijn. Daphne kon niet anders dan daar alleen maar staan en de angst van de vrouw te aanvaarden. Wat moest ze nu doen? Starend naar de mensen die zich geen raad wisten, vergat ze zichzelf en haar eigen gevoel. Wat ze moest voelen, wist ze niet.
Daphne duwde de vrouw van haar af en dwaalde door de straten. Hoe lang deed er niet toe. De tijd leek niets meer te betekenen. Ze voelde zich leeg, alsof ze was vervangen door een lappenpop zonder vulling. Emotieloos en hol van binnen.
Terwijl de dag vorderde, werd het op straat een chaos. Mensen gilden en smeten met voorwerpen, anderen beroofden winkels en gingen met elkaar op de vuist. In sommige huizen zaten mensen samen om de salontafel. Ze knuffelden elkaar of genoten van een laatste maaltijd. Wat cliché en toch zo toepasselijk, dacht Daphne. Een laatste maaltijd zoals in de geschriften. Ze zag een hoop tijdens haar laatste dag. Maar wat moest zij dan doen? Ze voelde zich nergens thuis. Niet tussen de herrieschoppers, noch bij de gezellige gezinnetjes. Althans, dat van haar had ze verbannen. Ze had Richard al een paar dagen niet meer gezien. Het laatste wat ze tegen hem had gezegd, was dat ze hem een klootzak vond.
Al die uren die al voorbij waren gegaan, die ze al verspild had met ronddwalen zonder doel, waren voor niets geweest. De tijd kon ze niet meer terugkrijgen. Ze had achter Richard aan kunnen gaan, hem nog een keer zien, maar ze was te stom geweest om dat eerder in te zien. Daphne’s hart klopte steeds sneller. Ze kon het hier niet bij laten zitten. Zo mocht het niet eindigen.
Ze opende haar telefoon en belde hem, maar hij ging niet eens over. Panisch zocht ze de laatste SMS van Richard op, die ene waarin hij schreef waar hij verbleef. Ze rende zo hard ze kon. Harder dan haar longen en haar lijf aankonden. Waarom hadden ze ruzie gehad over zoiets? Ze hielden van elkaar. Kinderen of geen kinderen, het zou niet uit moeten maken. Ze kon altijd wel leren haar kinderen te begrijpen en ze leuk te vinden. Richard was het waard. Ze hield van hem. Ze had altijd van hem gehouden en dat zou niet veranderen, hoe erg ze zich ook aan hem ergerde. Hij was de enige die ze nog had.
Zo snel mogelijk rende ze naar een fiets die geparkeerd stond in de achtertuin van een huis. Gelukkig was hij niet op slot gedaan. Ze sprong erop en racete over de weg, terwijl de lucht boven haar steeds donkerder werd. Richard was in een stad niet ver bij haar vandaan. De rivier kwam in zicht. Ondertussen regende het steeds harder, maar het weer zou haar niet tegenhouden. Ze hoefde alleen die rivier over en een paar straten door… de rivier. Hoe moest ze de rivier oversteken? Er waren nu geen veerboten om de overgang te regelen. Ieder mens met een greintje verstand had zijn werk neergelegd nu geld niet meer uitmaakte – het zou toch verdwijnen. Net als zij. Dé laatste dag. En de tijd die het kostte om een brug te vinden was langer dan de tijd die ze nog had.
Maar ze moest het proberen.
Huilend fietste ze verder over de onverharde weg, langs de treurende bomen en de flikkerende lampen. De weinige huizen aan de straat werden verlicht met kaarsen of een haard. De klok die binnen bij één van hen duidelijk zichtbaar was, gaf drie minuten voor tijd aan. De twaalf uren waren bijna voorbij.
Daphne struikelde van haar fiets en zakte neer op de weg. Ze staarde naar de mensen achter de ramen. Hun geluk met elkaar kon zelfs door een meteoriet niet worden bedorven, al leken ze wel angstig. Druppels spatten op de ramen. Ritmisch kletterden ze neer als perfect op elkaar afgestemde instrumenten in een orkest.
Daphne krijste en sloeg met haar vuisten op de modderige grond waardoor het op haar gezicht spatte. Doorweekt en koud haalde ze haar mobieltje uit haar zak en belde Richard. Eindelijk nam hij op.
‘Blijf bij me! Ik houd van je. Ik houd van je, Richard!’
‘Ik ook van jou. Dat is nooit anders geweest.’ De wijzers van de klok in het huis gleden langzaam vooruit. Hun beweging betekende het einde van de mens. Hoe destructief die laatste minuut kon voelen, had Daphne nooit beseft.
Daphne barstte in snotteren uit. ‘Ik probeerde nog naar je toe te komen, maar het is te laat. Het is te laat! Ik wilde dat ik je kon zien.’ Er waren nog maar een paar seconden te gaan. ‘Ik wil niet dood!’
‘Over een paar seconden is het over. We voelen er vast niets van, rustig maar.’
Snikkend knikte ze, hoewel ze wist dat hij het niet zou zien. De laatste seconden tikten tergend langzaam voorbij. Richards woorden galmden door in haar hoofd. Hij beloofde het. Daphne sloot haar ogen. Ze wachtte op het immense, prachtige licht van de meteoriet die door de dampkring zou scheren en een wolk van gas achter zich zou laten. Ze wachtte op het vuur dat haar in één keer zou verbranden tot as.
Maar het kwam niet.
Seconden, nee, minuten gingen voorbij, terwijl ze daar met haar hoofd in haar handen op de grond lag. Ze hief haar gezicht op en tuurde naar de lucht, maar er gebeurde niets. Er was geen licht, geen vuur. Helemaal niets.
Langzaam kwam ze overeind en gluurde ze door het raam van het huis. De televisie stond aan en ze kon erop vaag de omtrekken van een man zien. Ze sloop dichterbij en staarde door het raam. De mensen binnen keken niet eens naar haar om. In de uitzending was een man gekleed in zwart, maar anders dan de eerste. Deze droeg een Guy Fawkes masker; een gezicht verborgen achter een gekrulde snor en een wrede glimlach. De ondertiteling verraadde zijn verhaal. Daphne duwde zichzelf zo dicht mogelijk tegen het raam om het volledige verhaal te kunnen lezen.
‘De meteorietinslag gebeurt niet. Hij is nooit gebeurd en zal niet gebeuren. Hij is een leugen. Hij is Fictie. Wij hebben jullie wakker geschud. De samenleving moet beseffen wat echt belangrijk is. Wees gewaarschuwd. Wij zijn Anonymous en wij hebben jullie astronomiecentra en nieuwsstations gehackt om informatie over de meteorietinslag door te geven. Wij zijn Anonymous. Wij zijn een legioen. Wij vergeven niet. Wij vergeten niet. Verwacht ons.’ De vrouw die op de bank naar de uitzending zat te kijken, zakte in elkaar.

Daphne baande zich een weg door de mensenmassa die zich op de straten had verzameld. Iedereen schreeuwde naar elkaar en er heerste nog steeds chaos, maar Daphne deed er niet aan mee. Zij had maar één doel. De brug had ze al een uur geleden overgestoken. Richards huis was nu slechts een paar meter verderop en niets kon haar nog tegenhouden. De dreiging van een meteoriet had haar zwak gemaakt, maar ze had zichzelf een paar minuten geleden beloofd nooit meer zoiets te voelen. De irritaties, de ruzies en die arme kat. Vanaf nu zou het verleden tijd zijn. Alles zou weer goedkomen. Daphne had weer hoop voor de toekomst.
Ze rende de straat door naar zijn deur en drukte op de bel. Op datzelfde moment deed Richard open.
‘Het is uit,’ zei Daphne.  ‘Voorgoed.’ Ze knikte, draaide zich om en liep met opgeheven hoofd weer weg.
 
;