Ze zou nooit die dag vergeten. Die ene warme, zonnige dag dat Madelief met haar vriendje Patrick ging spelen en ze hem meenam naar de straat. In haar handjes hield ze een bal, bedoeld om mee te stoepranden. Patrick was haar beste vriendje. Elke ochtend stond ze vroeg aan zijn deur om hem mee op stap te nemen. Samen beleefden ze de leukste avonturen en hadden ze de grootste lol. De andere meisjes in de klas vonden het maar stom dat ze met een jongetje omging, maar Madelief trok zich er niets van aan. Patrick was veel leuker.
‘Kom, we gaan spelen,’ zei Madelief en ze trok Patrick aan zijn handje mee door de poort van zijn tuin. De weg lag vlak langs zijn huis.
‘Gaan we weer stoepranden?’ vroeg Patrick en hij huppelde over het pad waarbij hij sommige stenen oversloeg.
‘Ja,’ antwoordde Madelief en ze ging meedoen.
‘Ik heb daar geen zin aan,’ zei Patrick.
Madelief tuitte haar lippen en bleef staan. ‘Maar wat gaan we dan doen?’
‘Weet ik niet,’ antwoordde Patrick. Hij ging op de rand van de stoep zitten, met zijn voetjes op de straat.
Madelief nam naast hem plaats, legde de bal demonstratief naast haar neer en zuchtte. Ze keek naar haar schaduw die op de grijze straat pikzwart leek dankzij de felle zon.
‘Hé, ik weet wat,’ riep ze. ‘Laten we over onze schaduw heen springen!’ Madelief stond op.
‘Dat kan helemaal niet!’ riep Patrick.
‘Jawel, kijk maar,’ zei Madelief en ze begon te springen. Telkens hupste ze een stukje verder de straat op. Met haar ogen gericht op de vloer bleef ze naar de schaduw onder haar voetjes staren en probeerde eroverheen te springen. Het duurde wel heel lang. Maar opeens, toen ze de overkant bereikt had, verdween de schaduw. Voor haar stond een overkoepelende boom.
‘Zie je nou wel!’ riep ze en ze zwaaide naar Patrick die nog aan de andere kant van de weg stond. ‘Kom!’ riep ze.
‘Nee!’ riep Patrick terug en hij sloeg zijn armpjes over elkaar.
‘Je durft zeker niet, hè? Bangerik.’
‘Ik ben helemaal niet bang!’ Patrick stampte met zijn voeten. Toen sprong hij de weg op.
Maar er was geen schaduw meer. Getoeter, geschreeuw, een doffe bons. De motorkap was ingedeukt, de ruit aan diggelen.
Bloed vulde de straten en tranen rolden over de wangen van Madelief, toen ze besefte wat ze gedaan had.
Er was geen Patrick meer.
Thursday, June 13, 2013
creativiteit,
kort verhaal,
kortverhaal,
love2write,
NL,
ongeluk,
S.P.,
S.P. van der Lee,
schrijfster,
schrijven,
schrijver,
spvanderlee,
suzanne van der lee,
van der lee
0
comments
Kort Verhaal - Verloren schaduw
Friday, May 24, 2013
boek,
book,
Brodi Ashton,
ENG,
engels,
Everbound,
love2write,
NL,
Recensie,
review,
S.P.,
S.P. van der Lee,
schrijfster,
schrijven,
sp,
spvanderlee,
suzanne van der lee,
van der lee,
write,
writer
0
comments
Review/Recensie: Everbound - Brodi Ashton [NL&ENG]
(English one below)
NL versie
Review/Recensie Everbound -Brodi Ashton
Everbound is het vervolg op Everneath. Nikki gaat naar de
onderwereld om Jack te redden, samen met Cole en nog een paar anderen.
Het begin komt wat traag op gang. Nikki zit te janken omdat
ze Jack kwijt is en probeert nog wat van haar leven te maken, hoewel het nog
niet zo erg is dat ze bijna doodgaat (denk: Twilight – kuch). Het verhaal kwam
pas echt lekker op gang toen ze Cole achterna ging zitten om te proberen naar
de Everneath te gaan met hem. Ze probeert hem over te halen mee te komen, omdat
ze hem nodig heeft om het in de Onderwereld te redden.
Uiteindelijk lukt het haar en gaat Cole mee. Het wordt
steeds duidelijker, naarmate het boek vordert, wat voor gevoelens Cole wel niet
voor haar heeft. Dit komt prachtig uit de verf. Er wordt geen ‘ik houd van je’
gebruikt, maar subtiele hints om de lezer het gevoel te geven dat Cole veranderd
is. Hij deed zo lief en wilde alles voor Nikki doen dat ik op een gegeven
moment eigenlijk ook begon te hopen dat hij zou winnen. Dat ze met hem verder
zou gaan, Jack zou redden en dat die vervolgens bij haar beste vriendin zou
belanden, terwijl ze zelf met Cole koning en koningin werden en lekker verliefd
waren. Eind goed al goed. Nee, toch maar niet. Dat vond ik het enige minpunt. Ik
had haar liever bij Cole gezien, maar de schrijfster wilde blijkbaar per se dat
ze met Jack zou eindigen. Ze blijft voor altijd verliefd op hem.
Ook al begrijp ik wel waarom; Jack wordt enorm lief en
charmant neergezet in dit boek. De flashbacks waarin hun achtergrond verhaal
verder naar voren komt zijn beter neergezet dan in het eerste boek. Ze komen
niet zo uit de lucht vallen, maar zijn eerder onderdeel van het huidige
verhaal, omdat Nikki wordt gevraagd hieraan te denken (om Jack te vinden, moet
ze aan hem denken).
De Everneath zelf is ook briljant in elkaar gezet. De gedetailleerde
beschrijvingen waren zo mooi dat ik het echt voor me kon zien. Het grappige was
nog, dat ik (toen ik het boek al uithad) later nog een kaart van de Everneath
vond en uiteindelijk bleek ook dat wat ik me verbeelde volledige klopte. Haar beschrijvingen
waren dus erg duidelijk, zo duidelijk als de kaart.
Het is ook fijn dat Brodi deze keer veel meer in ging op de
Everneath zelf en laat zien hoe het daar allemaal in zijn werk gaat, hoe het er
nou echt uit ziet et cetera. Het is allemaal veel uitgebreider dan het eerste
deel in de reeks. Het is tevens veel spannender. Elk hoofdstuk gebeurt er wel
iets waar mijn hart van op hol sloeg. Of het is Cole met een onthulling (of één
van zijn maatjes) of er gebeurt iets verschrikkelijks waardoor ik dacht dat
iedereen doodging. Ik moest gewoon verder lezen.
En dan het einde. Sjongejonge. Ik vond het zo zielig, maar
tegelijkertijd ook heel fijn. Want Jack was wel terug, maar ten koste van iets
heel belangrijks en het is Cole’s schuld. Brodi krijgt het voor elkaar om me te
laten denken dat alles eerst helemaal in de soep loopt, vervolgens komt alles
weer goed en gooit ze er een bom van een plottwist bovenop (die overigens
ietwat te snel ging voor mij – ik moest de pagina’s twee keer opnieuw lezen).
Het was echt bizar en tegelijkertijd fantastisch. Geweldig gedaan. Dit boek is
velen malen beter dan de eerste.
Al met al vind ik dit boek erg geslaagd. Ik kan niet wachten op het derde deel. Ben echt benieuwd wat Nikki, Cole en Jack gaan doen om het allemaal op te lossen, maar ik verwacht dat het magisch zal zijn!
Sterren: 5/5
Everbound van Brodi Ashton is te koop bij: www.bol.com
Er is ook een review van Everneath (boek 1) van Brodi Ashton: Everneath - Brodi Ashton [NL&ENG]
Er is ook een review van Everneath (boek 1) van Brodi Ashton: Everneath - Brodi Ashton [NL&ENG]
ENG Version
Also posted on Goodreads: https://www.goodreads.com/review/show/564795073
Review Everbound - Brodi Ashton
Everbound
is the sequel to Everneath. Nikki goes to the underworld to save Jack, together
with Cole and a couple of other guys.
The
beginning is rather slow. Nikki’s whining about losing Jack and tries to make
something of her life, though it’s not that bad that she feels like dying
(think: Twilight – cough). The story really kicked in when she went after Cole
to get him to go to the Everneath with her. She tries to bring him, because she
needs him to survive in the underworld.
Eventually
she succeeds and Cole goes with her. As the book progresses, it becomes clearer
how much Cole feels for her. This is written beautifully. There’s no ‘I love
you’ or other cliché stuff, just subtle hints to give the reader the feeling that
Cole has changed for the better. He’s so sweet and wanted to do everything for
Nikki, which eventually made me hope he’d actually win. That she’d continue
with him, save Jack and that he’d end up with her best friend, while Nikki
would be all lovey-dovey with Cole and become king and queen together. All is
well that ends well. Nope. Guess not. That’s the only negative point, I think. I’d
rather have seen her with Cole, but apparently the writer wanted her to end up
with Jack, no matter what. She stays in love with him.
Although I
do understand why that is; Jack is so sweet and charming in this book. The
flashbacks where their background stories are told are written so much better
than in the first book. They don’t just come out of nowhere. Rather, they are
now a part of the current story, because Nikki is asked to think about the
flashbacks (to find Jack, she must think of him).
The
Everneath itself is also beautifully described. The detailed descriptions were
so good, I could imagine them in my mind. The funny thing was that (when I
finished the book already), I found a map of the Everneath in the book and it
corresponded almost exactly with what I had in mind. Her explanations were so
clear, they formed a map in my head.
It’s nice
to see how Brodi continued the Everneath theme and broadened the entire
concept. The way it works down there, what it really looks like, et cetera. She
expanded much more on this than in the last novel. It’s much more exciting too.
In every chapter something happened which made my heart beat in my throat.
Whether it was Cole with a revelation (or one of his buddies) or whether
something terrible happened which made me think everybody was dead. I just had
to read on.
And then
the ending. Gosh. It was so heart-wrenching, both in a sad and happy way. Because
Jack was back, but the cost was great and it’s Cole’s fault. Brodi made me
think things couldn’t get any worse and then suddenly everything turns out to
be OK, but then BAM she throws up a huge bombshell of a plot twist on top
(which went a little too quick for me – I had to read the pages twice). It was
bizarre and yet fantastic to read. Well done. This book is many times better
than the first one.
So all in all I think this book was really nice to read. I can’t wait for the third part. I’m really curious as to what Nikki, Jack and Cole are going to do to fix all of it, but I expect it will be magical!
Stars: 5/5
There's also a review of Brodi Ashton's Everneath (book 1): Everneath - Brodi Ashton [NL&ENG]
There's also a review of Brodi Ashton's Everneath (book 1): Everneath - Brodi Ashton [NL&ENG]
Tuesday, May 7, 2013
2013,
boek,
book,
Impact,
judge,
kort verhaal,
kortverhaal,
love2write,
NL,
S.P.,
S.P. van der Lee,
schrijven,
schrijver,
sp,
spvanderlee,
suzanne van der lee,
van der lee,
verhaal,
write now 2013,
writenow
0
comments
Kort verhaal - Impact
Felle stralen van de ochtendzon verlichtten de woonkamer en lieten het er levendiger lijken. Met haar hand voor haar ogen trok Daphne de gordijnen dicht en slofte naar de keuken om een bakje koffie te zetten. Ze wist dat de cafeïne niet zou helpen haar verschrikkelijke humeur van de afgelopen tijd te verbeteren, maar het was nu eenmaal een gewoonte. Zelfs het prachtige weer buiten irriteerde haar.
Terwijl het koffiezetapparaat pruttelde, sjokte ze terug naar de woonkamer en zette ze de televisie aan. Zoals gewoonlijk was er niets interessants op te zien. Ze verbaasde zich er niet meer over.
Valentijnscadeaus schoten voorbij in de reclames op het scherm, waardoor ze een brok in haar keel kreeg. Alles wat haar deed denken aan Richard kon ze even niet meer zien. Die walgelijke keuze van hem liet een smerige nasmaak achter. Waarom moest hij ook zo nodig moeilijk doen over kinderen? Waarom wilde hij ze zo graag? Hij wist dat Daphne totaal niet met die kleuters kon omgaan en toch bleef hij zeuren. Een paar dagen geleden was de maat vol. Weer een ruzie. Kleren gescheurd, borden gegooid, stoelen omver en zelfs de kat uit het raam. Gelukkig woonde ze op de begane grond. Nee, het was genoeg geweest. Gelukkig vertrok Richard meteen. Daphne was hem helemaal zat. Het interesseerde haar niet of hij nog terug zou komen.
In de keuken stond Daphne’s kat hongerig te mauwen. Ze liep weg bij de televisie en zette gelijk het koffiezetapparaat uit. Nadat ze de koffie in haar mok had geschonken, pakte ze de brokken. Ze zette het etensbakje op het aanrecht en de kat sprong omhoog. Terwijl de kat zijn staart onder haar kin en langs haar neus liet glijden, trok de televisie plotseling Daphne’s aandacht. De reguliere uitzending werd onderbroken voor een belangrijk bericht. Een man gekleed in een net pak verscheen op het scherm. Zijn blik serieus, doch angstig. Hij staarde naar Daphne, zo leek het, hoewel ze wist dat het maar een uitzending was. Toen hij zijn mond opendeed, kwam er een zin uit die ze nauwelijks kon geloven. Terwijl ze de brokken in de voerbak gooide, gaapte ze vol ongeloof naar het scherm. “We onderbreken dit programma voor een belangrijk bericht. De aarde zal binnen twaalf uur worden geraakt door een meteoriet.”
Het kattenvoer lag ondertussen op de keukentafel, in plaats van in de voerbak.
“De meteoriet, met een omvang van ongeveer tweehonderd kilometer, zal hoogst waarschijnlijk inslaan nabij Spanje.” Daphne zette de doos aan de kant en haastte zich naar de televisie. De man slikte en trok aan zijn kraag. “Ik herhaal, dit is geen grap. Velen van ons zullen het niet overleven.” Het zweet stond op zijn voorhoofd. “U wordt aangeraden geliefden op te zoeken. We zullen jullie voor zover mogelijk tot het laatste moment op de hoogte houden.” In zijn ogen zag Daphne de tranen al komen. Hij haalde zijn neus op. Daarna werd het scherm zwart en begon de uitzending opnieuw.
Met de afstandsbediening zapte Daphne langs alle kanalen. Overal zonden ze hetzelfde bericht uit. In het Engels, Duits, Frans en waarschijnlijk alle andere talen op kanalen die Daphne niet ontving. Allemaal met een andere presentator, maar ze zeiden hetzelfde. De wereld zou binnen twaalf uur vergaan.
Met trillende handen zette Daphne de televisie uit en strompelde ze naar de deur. De eeuwig ongenadige zon scheen op haar neer. Warm en schokkend realistisch, want waar zij stond zou het vuur ook branden. Buurmannen en buurvrouwen stroomden naar buiten. Allen keken naar elkaar met vragende blikken in hun ogen. Niemand zei iets, maar Daphne kon zien dat niemand wist wat te doen. Een enkeling begon te krijsen, een ander te jammeren. Daphne’s buurvrouw van links barstte in janken uit, terwijl ze naar Daphne rende en haar omarmde. De vrouw klemde haar vast en kneep haar bijna fijn. Daphne kon niet anders dan daar alleen maar staan en de angst van de vrouw te aanvaarden. Wat moest ze nu doen? Starend naar de mensen die zich geen raad wisten, vergat ze zichzelf en haar eigen gevoel. Wat ze moest voelen, wist ze niet.
Daphne duwde de vrouw van haar af en dwaalde door de straten. Hoe lang deed er niet toe. De tijd leek niets meer te betekenen. Ze voelde zich leeg, alsof ze was vervangen door een lappenpop zonder vulling. Emotieloos en hol van binnen.
Terwijl de dag vorderde, werd het op straat een chaos. Mensen gilden en smeten met voorwerpen, anderen beroofden winkels en gingen met elkaar op de vuist. In sommige huizen zaten mensen samen om de salontafel. Ze knuffelden elkaar of genoten van een laatste maaltijd. Wat cliché en toch zo toepasselijk, dacht Daphne. Een laatste maaltijd zoals in de geschriften. Ze zag een hoop tijdens haar laatste dag. Maar wat moest zij dan doen? Ze voelde zich nergens thuis. Niet tussen de herrieschoppers, noch bij de gezellige gezinnetjes. Althans, dat van haar had ze verbannen. Ze had Richard al een paar dagen niet meer gezien. Het laatste wat ze tegen hem had gezegd, was dat ze hem een klootzak vond.
Al die uren die al voorbij waren gegaan, die ze al verspild had met ronddwalen zonder doel, waren voor niets geweest. De tijd kon ze niet meer terugkrijgen. Ze had achter Richard aan kunnen gaan, hem nog een keer zien, maar ze was te stom geweest om dat eerder in te zien. Daphne’s hart klopte steeds sneller. Ze kon het hier niet bij laten zitten. Zo mocht het niet eindigen.
Ze opende haar telefoon en belde hem, maar hij ging niet eens over. Panisch zocht ze de laatste SMS van Richard op, die ene waarin hij schreef waar hij verbleef. Ze rende zo hard ze kon. Harder dan haar longen en haar lijf aankonden. Waarom hadden ze ruzie gehad over zoiets? Ze hielden van elkaar. Kinderen of geen kinderen, het zou niet uit moeten maken. Ze kon altijd wel leren haar kinderen te begrijpen en ze leuk te vinden. Richard was het waard. Ze hield van hem. Ze had altijd van hem gehouden en dat zou niet veranderen, hoe erg ze zich ook aan hem ergerde. Hij was de enige die ze nog had.
Zo snel mogelijk rende ze naar een fiets die geparkeerd stond in de achtertuin van een huis. Gelukkig was hij niet op slot gedaan. Ze sprong erop en racete over de weg, terwijl de lucht boven haar steeds donkerder werd. Richard was in een stad niet ver bij haar vandaan. De rivier kwam in zicht. Ondertussen regende het steeds harder, maar het weer zou haar niet tegenhouden. Ze hoefde alleen die rivier over en een paar straten door… de rivier. Hoe moest ze de rivier oversteken? Er waren nu geen veerboten om de overgang te regelen. Ieder mens met een greintje verstand had zijn werk neergelegd nu geld niet meer uitmaakte – het zou toch verdwijnen. Net als zij. Dé laatste dag. En de tijd die het kostte om een brug te vinden was langer dan de tijd die ze nog had.
Maar ze moest het proberen.
Huilend fietste ze verder over de onverharde weg, langs de treurende bomen en de flikkerende lampen. De weinige huizen aan de straat werden verlicht met kaarsen of een haard. De klok die binnen bij één van hen duidelijk zichtbaar was, gaf drie minuten voor tijd aan. De twaalf uren waren bijna voorbij.
Daphne struikelde van haar fiets en zakte neer op de weg. Ze staarde naar de mensen achter de ramen. Hun geluk met elkaar kon zelfs door een meteoriet niet worden bedorven, al leken ze wel angstig. Druppels spatten op de ramen. Ritmisch kletterden ze neer als perfect op elkaar afgestemde instrumenten in een orkest.
Daphne krijste en sloeg met haar vuisten op de modderige grond waardoor het op haar gezicht spatte. Doorweekt en koud haalde ze haar mobieltje uit haar zak en belde Richard. Eindelijk nam hij op.
‘Blijf bij me! Ik houd van je. Ik houd van je, Richard!’
‘Ik ook van jou. Dat is nooit anders geweest.’ De wijzers van de klok in het huis gleden langzaam vooruit. Hun beweging betekende het einde van de mens. Hoe destructief die laatste minuut kon voelen, had Daphne nooit beseft.
Daphne barstte in snotteren uit. ‘Ik probeerde nog naar je toe te komen, maar het is te laat. Het is te laat! Ik wilde dat ik je kon zien.’ Er waren nog maar een paar seconden te gaan. ‘Ik wil niet dood!’
‘Over een paar seconden is het over. We voelen er vast niets van, rustig maar.’
Snikkend knikte ze, hoewel ze wist dat hij het niet zou zien. De laatste seconden tikten tergend langzaam voorbij. Richards woorden galmden door in haar hoofd. Hij beloofde het. Daphne sloot haar ogen. Ze wachtte op het immense, prachtige licht van de meteoriet die door de dampkring zou scheren en een wolk van gas achter zich zou laten. Ze wachtte op het vuur dat haar in één keer zou verbranden tot as.
Maar het kwam niet.
Seconden, nee, minuten gingen voorbij, terwijl ze daar met haar hoofd in haar handen op de grond lag. Ze hief haar gezicht op en tuurde naar de lucht, maar er gebeurde niets. Er was geen licht, geen vuur. Helemaal niets.
Langzaam kwam ze overeind en gluurde ze door het raam van het huis. De televisie stond aan en ze kon erop vaag de omtrekken van een man zien. Ze sloop dichterbij en staarde door het raam. De mensen binnen keken niet eens naar haar om. In de uitzending was een man gekleed in zwart, maar anders dan de eerste. Deze droeg een Guy Fawkes masker; een gezicht verborgen achter een gekrulde snor en een wrede glimlach. De ondertiteling verraadde zijn verhaal. Daphne duwde zichzelf zo dicht mogelijk tegen het raam om het volledige verhaal te kunnen lezen.
‘De meteorietinslag gebeurt niet. Hij is nooit gebeurd en zal niet gebeuren. Hij is een leugen. Hij is Fictie. Wij hebben jullie wakker geschud. De samenleving moet beseffen wat echt belangrijk is. Wees gewaarschuwd. Wij zijn Anonymous en wij hebben jullie astronomiecentra en nieuwsstations gehackt om informatie over de meteorietinslag door te geven. Wij zijn Anonymous. Wij zijn een legioen. Wij vergeven niet. Wij vergeten niet. Verwacht ons.’ De vrouw die op de bank naar de uitzending zat te kijken, zakte in elkaar.
Daphne baande zich een weg door de mensenmassa die zich op de straten had verzameld. Iedereen schreeuwde naar elkaar en er heerste nog steeds chaos, maar Daphne deed er niet aan mee. Zij had maar één doel. De brug had ze al een uur geleden overgestoken. Richards huis was nu slechts een paar meter verderop en niets kon haar nog tegenhouden. De dreiging van een meteoriet had haar zwak gemaakt, maar ze had zichzelf een paar minuten geleden beloofd nooit meer zoiets te voelen. De irritaties, de ruzies en die arme kat. Vanaf nu zou het verleden tijd zijn. Alles zou weer goedkomen. Daphne had weer hoop voor de toekomst.
Ze rende de straat door naar zijn deur en drukte op de bel. Op datzelfde moment deed Richard open.
‘Het is uit,’ zei Daphne. ‘Voorgoed.’ Ze knikte, draaide zich om en liep met opgeheven hoofd weer weg.
Terwijl het koffiezetapparaat pruttelde, sjokte ze terug naar de woonkamer en zette ze de televisie aan. Zoals gewoonlijk was er niets interessants op te zien. Ze verbaasde zich er niet meer over.
Valentijnscadeaus schoten voorbij in de reclames op het scherm, waardoor ze een brok in haar keel kreeg. Alles wat haar deed denken aan Richard kon ze even niet meer zien. Die walgelijke keuze van hem liet een smerige nasmaak achter. Waarom moest hij ook zo nodig moeilijk doen over kinderen? Waarom wilde hij ze zo graag? Hij wist dat Daphne totaal niet met die kleuters kon omgaan en toch bleef hij zeuren. Een paar dagen geleden was de maat vol. Weer een ruzie. Kleren gescheurd, borden gegooid, stoelen omver en zelfs de kat uit het raam. Gelukkig woonde ze op de begane grond. Nee, het was genoeg geweest. Gelukkig vertrok Richard meteen. Daphne was hem helemaal zat. Het interesseerde haar niet of hij nog terug zou komen.
In de keuken stond Daphne’s kat hongerig te mauwen. Ze liep weg bij de televisie en zette gelijk het koffiezetapparaat uit. Nadat ze de koffie in haar mok had geschonken, pakte ze de brokken. Ze zette het etensbakje op het aanrecht en de kat sprong omhoog. Terwijl de kat zijn staart onder haar kin en langs haar neus liet glijden, trok de televisie plotseling Daphne’s aandacht. De reguliere uitzending werd onderbroken voor een belangrijk bericht. Een man gekleed in een net pak verscheen op het scherm. Zijn blik serieus, doch angstig. Hij staarde naar Daphne, zo leek het, hoewel ze wist dat het maar een uitzending was. Toen hij zijn mond opendeed, kwam er een zin uit die ze nauwelijks kon geloven. Terwijl ze de brokken in de voerbak gooide, gaapte ze vol ongeloof naar het scherm. “We onderbreken dit programma voor een belangrijk bericht. De aarde zal binnen twaalf uur worden geraakt door een meteoriet.”
Het kattenvoer lag ondertussen op de keukentafel, in plaats van in de voerbak.
“De meteoriet, met een omvang van ongeveer tweehonderd kilometer, zal hoogst waarschijnlijk inslaan nabij Spanje.” Daphne zette de doos aan de kant en haastte zich naar de televisie. De man slikte en trok aan zijn kraag. “Ik herhaal, dit is geen grap. Velen van ons zullen het niet overleven.” Het zweet stond op zijn voorhoofd. “U wordt aangeraden geliefden op te zoeken. We zullen jullie voor zover mogelijk tot het laatste moment op de hoogte houden.” In zijn ogen zag Daphne de tranen al komen. Hij haalde zijn neus op. Daarna werd het scherm zwart en begon de uitzending opnieuw.
Met de afstandsbediening zapte Daphne langs alle kanalen. Overal zonden ze hetzelfde bericht uit. In het Engels, Duits, Frans en waarschijnlijk alle andere talen op kanalen die Daphne niet ontving. Allemaal met een andere presentator, maar ze zeiden hetzelfde. De wereld zou binnen twaalf uur vergaan.
Met trillende handen zette Daphne de televisie uit en strompelde ze naar de deur. De eeuwig ongenadige zon scheen op haar neer. Warm en schokkend realistisch, want waar zij stond zou het vuur ook branden. Buurmannen en buurvrouwen stroomden naar buiten. Allen keken naar elkaar met vragende blikken in hun ogen. Niemand zei iets, maar Daphne kon zien dat niemand wist wat te doen. Een enkeling begon te krijsen, een ander te jammeren. Daphne’s buurvrouw van links barstte in janken uit, terwijl ze naar Daphne rende en haar omarmde. De vrouw klemde haar vast en kneep haar bijna fijn. Daphne kon niet anders dan daar alleen maar staan en de angst van de vrouw te aanvaarden. Wat moest ze nu doen? Starend naar de mensen die zich geen raad wisten, vergat ze zichzelf en haar eigen gevoel. Wat ze moest voelen, wist ze niet.
Daphne duwde de vrouw van haar af en dwaalde door de straten. Hoe lang deed er niet toe. De tijd leek niets meer te betekenen. Ze voelde zich leeg, alsof ze was vervangen door een lappenpop zonder vulling. Emotieloos en hol van binnen.
Terwijl de dag vorderde, werd het op straat een chaos. Mensen gilden en smeten met voorwerpen, anderen beroofden winkels en gingen met elkaar op de vuist. In sommige huizen zaten mensen samen om de salontafel. Ze knuffelden elkaar of genoten van een laatste maaltijd. Wat cliché en toch zo toepasselijk, dacht Daphne. Een laatste maaltijd zoals in de geschriften. Ze zag een hoop tijdens haar laatste dag. Maar wat moest zij dan doen? Ze voelde zich nergens thuis. Niet tussen de herrieschoppers, noch bij de gezellige gezinnetjes. Althans, dat van haar had ze verbannen. Ze had Richard al een paar dagen niet meer gezien. Het laatste wat ze tegen hem had gezegd, was dat ze hem een klootzak vond.
Al die uren die al voorbij waren gegaan, die ze al verspild had met ronddwalen zonder doel, waren voor niets geweest. De tijd kon ze niet meer terugkrijgen. Ze had achter Richard aan kunnen gaan, hem nog een keer zien, maar ze was te stom geweest om dat eerder in te zien. Daphne’s hart klopte steeds sneller. Ze kon het hier niet bij laten zitten. Zo mocht het niet eindigen.
Ze opende haar telefoon en belde hem, maar hij ging niet eens over. Panisch zocht ze de laatste SMS van Richard op, die ene waarin hij schreef waar hij verbleef. Ze rende zo hard ze kon. Harder dan haar longen en haar lijf aankonden. Waarom hadden ze ruzie gehad over zoiets? Ze hielden van elkaar. Kinderen of geen kinderen, het zou niet uit moeten maken. Ze kon altijd wel leren haar kinderen te begrijpen en ze leuk te vinden. Richard was het waard. Ze hield van hem. Ze had altijd van hem gehouden en dat zou niet veranderen, hoe erg ze zich ook aan hem ergerde. Hij was de enige die ze nog had.
Zo snel mogelijk rende ze naar een fiets die geparkeerd stond in de achtertuin van een huis. Gelukkig was hij niet op slot gedaan. Ze sprong erop en racete over de weg, terwijl de lucht boven haar steeds donkerder werd. Richard was in een stad niet ver bij haar vandaan. De rivier kwam in zicht. Ondertussen regende het steeds harder, maar het weer zou haar niet tegenhouden. Ze hoefde alleen die rivier over en een paar straten door… de rivier. Hoe moest ze de rivier oversteken? Er waren nu geen veerboten om de overgang te regelen. Ieder mens met een greintje verstand had zijn werk neergelegd nu geld niet meer uitmaakte – het zou toch verdwijnen. Net als zij. Dé laatste dag. En de tijd die het kostte om een brug te vinden was langer dan de tijd die ze nog had.
Maar ze moest het proberen.
Huilend fietste ze verder over de onverharde weg, langs de treurende bomen en de flikkerende lampen. De weinige huizen aan de straat werden verlicht met kaarsen of een haard. De klok die binnen bij één van hen duidelijk zichtbaar was, gaf drie minuten voor tijd aan. De twaalf uren waren bijna voorbij.
Daphne struikelde van haar fiets en zakte neer op de weg. Ze staarde naar de mensen achter de ramen. Hun geluk met elkaar kon zelfs door een meteoriet niet worden bedorven, al leken ze wel angstig. Druppels spatten op de ramen. Ritmisch kletterden ze neer als perfect op elkaar afgestemde instrumenten in een orkest.
Daphne krijste en sloeg met haar vuisten op de modderige grond waardoor het op haar gezicht spatte. Doorweekt en koud haalde ze haar mobieltje uit haar zak en belde Richard. Eindelijk nam hij op.
‘Blijf bij me! Ik houd van je. Ik houd van je, Richard!’
‘Ik ook van jou. Dat is nooit anders geweest.’ De wijzers van de klok in het huis gleden langzaam vooruit. Hun beweging betekende het einde van de mens. Hoe destructief die laatste minuut kon voelen, had Daphne nooit beseft.
Daphne barstte in snotteren uit. ‘Ik probeerde nog naar je toe te komen, maar het is te laat. Het is te laat! Ik wilde dat ik je kon zien.’ Er waren nog maar een paar seconden te gaan. ‘Ik wil niet dood!’
‘Over een paar seconden is het over. We voelen er vast niets van, rustig maar.’
Snikkend knikte ze, hoewel ze wist dat hij het niet zou zien. De laatste seconden tikten tergend langzaam voorbij. Richards woorden galmden door in haar hoofd. Hij beloofde het. Daphne sloot haar ogen. Ze wachtte op het immense, prachtige licht van de meteoriet die door de dampkring zou scheren en een wolk van gas achter zich zou laten. Ze wachtte op het vuur dat haar in één keer zou verbranden tot as.
Maar het kwam niet.
Seconden, nee, minuten gingen voorbij, terwijl ze daar met haar hoofd in haar handen op de grond lag. Ze hief haar gezicht op en tuurde naar de lucht, maar er gebeurde niets. Er was geen licht, geen vuur. Helemaal niets.
Langzaam kwam ze overeind en gluurde ze door het raam van het huis. De televisie stond aan en ze kon erop vaag de omtrekken van een man zien. Ze sloop dichterbij en staarde door het raam. De mensen binnen keken niet eens naar haar om. In de uitzending was een man gekleed in zwart, maar anders dan de eerste. Deze droeg een Guy Fawkes masker; een gezicht verborgen achter een gekrulde snor en een wrede glimlach. De ondertiteling verraadde zijn verhaal. Daphne duwde zichzelf zo dicht mogelijk tegen het raam om het volledige verhaal te kunnen lezen.
‘De meteorietinslag gebeurt niet. Hij is nooit gebeurd en zal niet gebeuren. Hij is een leugen. Hij is Fictie. Wij hebben jullie wakker geschud. De samenleving moet beseffen wat echt belangrijk is. Wees gewaarschuwd. Wij zijn Anonymous en wij hebben jullie astronomiecentra en nieuwsstations gehackt om informatie over de meteorietinslag door te geven. Wij zijn Anonymous. Wij zijn een legioen. Wij vergeven niet. Wij vergeten niet. Verwacht ons.’ De vrouw die op de bank naar de uitzending zat te kijken, zakte in elkaar.
Daphne baande zich een weg door de mensenmassa die zich op de straten had verzameld. Iedereen schreeuwde naar elkaar en er heerste nog steeds chaos, maar Daphne deed er niet aan mee. Zij had maar één doel. De brug had ze al een uur geleden overgestoken. Richards huis was nu slechts een paar meter verderop en niets kon haar nog tegenhouden. De dreiging van een meteoriet had haar zwak gemaakt, maar ze had zichzelf een paar minuten geleden beloofd nooit meer zoiets te voelen. De irritaties, de ruzies en die arme kat. Vanaf nu zou het verleden tijd zijn. Alles zou weer goedkomen. Daphne had weer hoop voor de toekomst.
Ze rende de straat door naar zijn deur en drukte op de bel. Op datzelfde moment deed Richard open.
‘Het is uit,’ zei Daphne. ‘Voorgoed.’ Ze knikte, draaide zich om en liep met opgeheven hoofd weer weg.
Tuesday, April 16, 2013
blood,
bombing,
boston,
boston bombs,
ENG,
engels,
explosion,
gedicht,
poem,
poetry,
S.P.,
S.P. van der Lee,
schrijfster,
sp,
spvanderlee,
suzanne van der lee,
van der lee,
write,
writer,
writing
0
comments
Is this humanity?
Is this
humanity?
Those who
fight to live another day, die
And those
who live to fight, keep on living
Men, women
and children screaming
As their
loved ones are torn apart
Limb from
limb
As blood is
spilled more blood will come
It will go
on and on
How can we
say we fight for justice
For our
country, our honor and love
For god
When we
can’t see that those we hurt
Colored,
white, all religions alike,
Are our own
kin?
Swaying is
indefinite
The water is
filled with blood
While my
fists will never solve this endless struggle
Words are
the only answer
Spread.
Friday, April 12, 2013
Brodi Ashton,
ENG,
Everneath,
love2write,
NL,
Recensie,
review,
S.P.,
S.P. van der Lee,
schrijfster,
schrijven,
schrijver,
sp,
spvanderlee,
suzanne van der lee,
van der lee,
write,
writer,
writing
0
comments
Review/Recensie: Everneath - Brodi Ashton [NL&ENG]
(English one is below)
NL versie
Review/Recensie Everneath -Brodi Ashton
Everneath gaat over een meisje genaamd Nikki dat is meegenomen naar de onderwereld waar ze meer dan honderd jaar werd leeggezogen van al haar emoties door Cole; een Everliving. Nikki is weer terug in het land van de levenden en heeft maar zes maanden om iedereen van wie ze hield gedag te zeggen, voor ze weer naar de onderwereld wordt meegesleurd en haar leven dan voorgoed zal eindigen. Maar er is een probleem; Cole is haar gevolgd en wil haar tot zijn koningin maken, omdat zij de sleutel is tot de troon van de onderwereld.
Het begin van dit boek was echt sterk. Vooral het proloog trok me echt naar binnen, omdat het gelijk startte bij de Underworld en dat het leegzuigproces (iew) klaar was. De rijke fantasie sleurde me echt mee. Demonen die als zwarte lakens zich om Nikki en Cole hulden, het las allemaal fantastisch en lekker door.
De rest van de hoofdstukken begonnen steeds meer tegen te vallen. In het begin begreep ik nog wel waarom Nikki zo stoïcijns leek. Ze wilde niets, durfde niets (begrijpelijk, als je honderd jaar bent leeggezogen van al je emoties), maar na een tijdje werd het toch wel irritant. Vooral toen ze maar niets bleef doen, ondanks dat het boek je constant vertelde dat Nikki toch echt afscheid wilde nemen. Ze deed het alleen niet.
De pluskant vond ik vooral het idee dat ik niet wist of ze nou echt dood zou gaan of niet. Elke keer als ik weer dacht dat het beter ging, kwam er weer een negatief punt naar voren waardoor het wel fout moest gaan. Het was nog tot op het laatste moment niet duidelijk wat er met Nikki zou gebeuren en dat vind ik echt een topper van deze schrijfster.
Aan de andere kant was de liefde echt ongeloofwaardig. Nikki bleef zogenaamd alleen maar in leven die honderd jaar, omdat ze aan Jack dacht, haar vorige liefde. Maar ik vond Jack niet echt spannend, toen ze weer gewoon op aarde was. Hij was een algemene sporter, een algemeen persoon, een algemene scholier, een algemene…alles. Zo normaal. Dat is gewoon saai. Cole, de zogenaamde slechterik (hoewel ik hier ook aan twijfel – lees het boek maar), vond ik veel interessanter. Soms dacht ik “waarom gaat ze niet gewoon met Cole mee? Lijkt me leuker”, maar dat was natuurlijk niet het doel van de schrijfster. Maar het feit alleen al dat ik daaraan denk en het dus niet eens ben met de beslissingen van de hoofdpersoon van het boek, maakt dus eigenlijk dat het niet helemaal soepel loopt.
Het laatste puntje wat me een beetje tegenzat, was het feit dat dit boek een soort nieuwere versie van het verhaal van Persephone was (Griekse godin). Ik weet niet waarom, maar ik houd er gewoon niet zo van als mensen heel duidelijk aangeven dat hun boek “idee” ergens vandaan komt. Dan blijf ik dat maar in mijn hoofd houden en kan ik dus niet meer met een frisse blik naar het boek kijken.
Daarentegen vond ik de moeilijke, emotionele tijden die Nikki en haar vriendin doorgingen erg mooi beschreven. Het is duidelijk dat deze schrijfster wel weet hoe echte tieners denken (ja, dit is weer een referentie ;) – haha) en ze maakt er een geloofwaardig verhaal van. Dus hiervoor krijgt ze van mij een pluim!
Ik heb dus gemixte gevoelens bij dit boek, maar nu ik eenmaal begonnen ben (ja, jullie kennen me ondertussen wel) moet ik het volgende boek ook weer gaan lezen. Dus op naar de volgende!
Sterren: 3/5
Everneath van Brodi Ashton is te koop bij: www.bol.com
Er is ook een review van Everbound (boek 2) van Brodi Ashton: Everbound - Brodi Ashton [NL&ENG]
Er is ook een review van Everbound (boek 2) van Brodi Ashton: Everbound - Brodi Ashton [NL&ENG]
ENG Version
Also posted on Goodreads: http://www.goodreads.com/review/show/554016273
Review Everneath - Brodi Ashton
Everneath is about a girl named Nikki who’s been taken to the underworld, where she’s been sucked dry of all her emotions by Cole; an Everliving. Nikki is back in the land of the living, but she only has three months left to live. Then she’ll be taken back to the underworld and her life will be over. But there’s one problem; Cole followed her back up and wants to make her his Queen, because she is the key to the throne of the underworld.
This book’s beginning was strong. Especially the prologue really sucked me in, because it immediately started at the Underworld and ending of the sucking-process (eew). Brodi Ashton’s rich fantasy yanked me into this book. Demons that covered Nikki and Cole like black blankets; it just read like butter spreads on your sandwich.
The rest of the chapters however kept getting worse by the page. In the beginning I understood why Nikki seemed so impassive. She didn’t want to do anything, she was afraid of everything (it’s quite understandable, after having all your emotions sucked out of you, who wouldn’t feel that way), but after a while it mostly became annoying. Especially when she kept on doing nothing, even though (according to the book) she was supposed to say goodbye to all her loved ones. She just didn’t.
On the plus side; this book really kept me guessing on whether she would die or not. Each time I thought she was going to live, something came up again and made me think nothing could fix it after all. Even until the final moments it still wasn’t clear what would happen to Nikki. I think the writer did a great job with this.
There are however some points that were just…meh. Like the love, for example. Apparently Nikki only managed to stay alive for a hundred years, because she kept Jack’s face (her ex) in her mind. But when she came back to the surface, I didn’t find Jack all that exciting. He was just your average jock, an average student, an average person, an average… just everything. He was so normal. That’s just plain boring. Cole, on the other hand, who was supposed to be the “evil guy” (I still doubt this however – just read the book), was much more exciting to read about. Sometimes I thought “why doesn’t Nikki just go with him? Seems more fun to me”, but that obviously wasn’t what the writer intended. The fact alone that I think that and that I don’t agree with the decisions of the lead character, suggests that this book didn’t read as smoothly as I had hoped.
The last bit that I didn’t find very interesting was the fact that this book was supposed to be some kind of newer version to the old story of Persephone (Greek goddess). I don’t know why, but I just don’t like it when people clearly state their “idea” is plainly copied and molded into a new version. I just can’t get it out of my head when I read and it prevents me from looking at the work with a fresh and open mind.
However, I did find the tough, emotional times Nikki and her best friend went through were beautifully written. It was quite clear this writer actually does know how real teens think (yes, this is another reference ;) – haha) en she created a believable story. So for this she gets a thumbs up from me!
So, all in all, I have mixed feelings about this book, but now that I’ve started reading this series (as you all know about me), I just have to read the next book as well. So, on to the sequel!
Stars: 3/5
There's also a review of Everbound (book 2) by Brodi Ashton: Everbound - Brodi Ashton [NL&ENG]
Wednesday, March 20, 2013
drama,
kort verhaal,
kortverhaal,
Levensverzekering,
love2write,
NL,
S.P.,
S.P. van der Lee,
schrijfster,
schrijven,
schrijver,
sp,
spvanderlee,
suzanne van der lee,
thriller,
van der lee,
write,
writer
0
comments
Kort verhaal - Levensverzekering
Mijn adem stokte. Daar stond hij, recht voor me. Zielsveel hield ik
van hem, al die jaren dat hij bij mij was gebleven. Mijn lippen vormden
moeizaam een glimlach, terwijl ik in zijn ogen staarde.
Wat was de tijd toch snel voorbij gegaan. Ik kon me nog herinneren dat ik hem voor het eerst zag bij de groentekraam. Hij zag er zo knap uit en sprak me charmant aan met zijn zware stem. Ik was als een blok voor hem gevallen. Zijn versiertrucjes werkten goed bij mij, al had ik nooit gedacht dat ik daar ooit in zou trappen. Hij was de eerste die dat voor elkaar kreeg.
Ik keek naar hem, terwijl ik me warm voelde van binnen. Kil en emotieloos keek hij me aan. Hij staarde wat wel leek tot diep in mijn ziel. Hield hij nog van me? Ik zou het nooit opgeven, dat had ik mezelf beloofd. Zelfs nu niet.
Ik kon me de dag dat we voor het eerst ruzie hadden nog goed herinneren. Dat was in mijn favoriete restaurant, waar hij me verkering had gevraagd. Ik had zulke goede herinneringen aan die plek, maar toen moest hij zo nodig flirten met de barmeid. Lag het aan mij? Werd ik te oud? Was ik niet leuk meer? Nu zag ik dat het uiteindelijk nooit mijn schuld kon zijn geweest. Dit niet.
De uitdrukking op zijn gezicht bleef eentonig en strak, alsof er niets was gebeurd. Ik wierp een blik op zijn linkerhand. Stevig hield hij een papieren bundel vast, die mijn aandacht trok. Was het allemaal daarvoor geweest? Ik voelde dat ik erom moest lachen, maar mijn mond wilde niet open. Ik kon niet eens een geluid uitbrengen. De gedachtes aan hem en alles wat we hadden meegemaakt, zwierven door mijn hoofd.
Net voordat dit alles gebeurde, had ik in de keuken gestaan. Ik was een taart aan het bakken, omdat hij had gebeld en zei dat hij me iets moest vertellen. Ik dacht dat hij promotie had gemaakt. Hij verdiende nog niet zoveel met dat baantje en hij zat al dagen erover na te denken om opslag te vragen, dus ik dacht dat het eindelijk zover was. Wat was ik stom geweest.
Het maakte nu allemaal niets meer uit. Alle herinneringen die ik aan hem had waren vals, alles was een leugen. Van binnen voelde ik dat ik het steeds kouder begon te krijgen. De warmte vloeide weg uit mijn vingers en mijn tenen. Met zijn kille blik staarde hij me nog even ernstig aan. Voelde hij dan helemaal niets? Hoe kon hij dit doen? Zo had ik hem nooit gekend. Had ik het niet moeten weten? Hoe kon ik…hij had nooit iets laten doorschemeren. Het was niet mijn schuld.
Mijn blik werd wazig, dus ik sloot mijn ogen. Mijn leven was voor me voorbij geschoten, het leek wel een film, die zich afspeelde in mijn hoofd. Langzaam voelde ik de zwaartekracht die aan mijn hoofd trok. De aarde onttrok zich aan mijn voeten en ik voelde dat ik me in het luchtledige bevond. Alles gebeurde vertraagd terwijl ik met een harde smak op de vloer terecht kwam.
Met het kleine beetje kracht dat zich nog in me bevond opende ik mijn ogen weer en zag hem boven me uit torenen. Een donkergrijs metalen voorwerp hield hij op me gericht. Toen knielde hij voor me en liet het papier zien. Wat erop stond deed me schrikken, maar het deed er nu allemaal niet meer toe. Mijn tranen vloeiden volop en ik hoopte dat hij het zou zien, want ik had van hem gehouden. Ik zag hem over me heen stappen. Terwijl hij naar de deur liep, zag ik rode vloeistof onder me uit stromen. Ik kon geen woord meer uitbrengen, ook al had ik hem nog graag willen vertellen wat hij voor mij had betekend. Zo zou hij nooit vergeten, hoe hij mij hier achterliet, de vrouw die van hem hield. Toen ik mijn ogen voor de laatste keer sloot, galmden de woorden die op het papier hadden gestaan nog één keer door mijn hoofd. “Levensverzekering”.
Meer korte verhalen lezen!
Wat was de tijd toch snel voorbij gegaan. Ik kon me nog herinneren dat ik hem voor het eerst zag bij de groentekraam. Hij zag er zo knap uit en sprak me charmant aan met zijn zware stem. Ik was als een blok voor hem gevallen. Zijn versiertrucjes werkten goed bij mij, al had ik nooit gedacht dat ik daar ooit in zou trappen. Hij was de eerste die dat voor elkaar kreeg.
Ik keek naar hem, terwijl ik me warm voelde van binnen. Kil en emotieloos keek hij me aan. Hij staarde wat wel leek tot diep in mijn ziel. Hield hij nog van me? Ik zou het nooit opgeven, dat had ik mezelf beloofd. Zelfs nu niet.
Ik kon me de dag dat we voor het eerst ruzie hadden nog goed herinneren. Dat was in mijn favoriete restaurant, waar hij me verkering had gevraagd. Ik had zulke goede herinneringen aan die plek, maar toen moest hij zo nodig flirten met de barmeid. Lag het aan mij? Werd ik te oud? Was ik niet leuk meer? Nu zag ik dat het uiteindelijk nooit mijn schuld kon zijn geweest. Dit niet.
De uitdrukking op zijn gezicht bleef eentonig en strak, alsof er niets was gebeurd. Ik wierp een blik op zijn linkerhand. Stevig hield hij een papieren bundel vast, die mijn aandacht trok. Was het allemaal daarvoor geweest? Ik voelde dat ik erom moest lachen, maar mijn mond wilde niet open. Ik kon niet eens een geluid uitbrengen. De gedachtes aan hem en alles wat we hadden meegemaakt, zwierven door mijn hoofd.
Net voordat dit alles gebeurde, had ik in de keuken gestaan. Ik was een taart aan het bakken, omdat hij had gebeld en zei dat hij me iets moest vertellen. Ik dacht dat hij promotie had gemaakt. Hij verdiende nog niet zoveel met dat baantje en hij zat al dagen erover na te denken om opslag te vragen, dus ik dacht dat het eindelijk zover was. Wat was ik stom geweest.
Het maakte nu allemaal niets meer uit. Alle herinneringen die ik aan hem had waren vals, alles was een leugen. Van binnen voelde ik dat ik het steeds kouder begon te krijgen. De warmte vloeide weg uit mijn vingers en mijn tenen. Met zijn kille blik staarde hij me nog even ernstig aan. Voelde hij dan helemaal niets? Hoe kon hij dit doen? Zo had ik hem nooit gekend. Had ik het niet moeten weten? Hoe kon ik…hij had nooit iets laten doorschemeren. Het was niet mijn schuld.
Mijn blik werd wazig, dus ik sloot mijn ogen. Mijn leven was voor me voorbij geschoten, het leek wel een film, die zich afspeelde in mijn hoofd. Langzaam voelde ik de zwaartekracht die aan mijn hoofd trok. De aarde onttrok zich aan mijn voeten en ik voelde dat ik me in het luchtledige bevond. Alles gebeurde vertraagd terwijl ik met een harde smak op de vloer terecht kwam.
Met het kleine beetje kracht dat zich nog in me bevond opende ik mijn ogen weer en zag hem boven me uit torenen. Een donkergrijs metalen voorwerp hield hij op me gericht. Toen knielde hij voor me en liet het papier zien. Wat erop stond deed me schrikken, maar het deed er nu allemaal niet meer toe. Mijn tranen vloeiden volop en ik hoopte dat hij het zou zien, want ik had van hem gehouden. Ik zag hem over me heen stappen. Terwijl hij naar de deur liep, zag ik rode vloeistof onder me uit stromen. Ik kon geen woord meer uitbrengen, ook al had ik hem nog graag willen vertellen wat hij voor mij had betekend. Zo zou hij nooit vergeten, hoe hij mij hier achterliet, de vrouw die van hem hield. Toen ik mijn ogen voor de laatste keer sloot, galmden de woorden die op het papier hadden gestaan nog één keer door mijn hoofd. “Levensverzekering”.
Meer korte verhalen lezen!
Wednesday, March 6, 2013
Bericht,
humor,
kort verhaal,
kortverhaal,
love2write,
NL,
S.P.,
S.P. van der Lee,
schrijfster,
schrijven,
schrijver,
sp,
spvanderlee,
suzanne van der lee,
van der lee,
verhaal,
wedstrijd,
write,
writer,
writing
0
comments
Kort Verhaal - Bericht
Mijn telefoon trilt in mijn broekzak. Ik haal hem eruit en bekijk het zojuist binnengekomen bericht.
‘O – mijn – god,’ zeg ik tegen mezelf. Het is een e-mail van de uitgeverij waar ik twee maanden geleden mijn manuscript naar heb opgestuurd. Ik open heimelijk het mailtje en lees de inhoud. Mijn hart begint sneller te bonken. Mijn ogen gaan schichtig van links naar rechts terwijl ik de tekst analyseer. Ik kan niet geloven wat hier staat.
Zo snel als ik kan ga ik naar de voordeur en ruk hem open. Ik ren de straat op en blijf midden op straat staan. ‘Mijn boek wordt uitgegeven!’ gil ik. Een aantal mensen om me heen kijken me met een frons aan, anderen glimlachen naar me, maar lopen gewoon door. Ik zie er vast als een malloot uit, maar het interesseert me niets. Mijn eeuwige wens gaat in vervulling. Ik zal straks een echte auteur zijn.
Ik ren weer naar binnen en sla de deur achter me dicht. Met mijn mobiel nog in mijn hand, sjees ik de trap op naar mijn werkkamer om daar achter de computer te kruipen. Ik ram zo hard op het toetsenbord, dat ik bijna denk dat de toetsen eruit zullen vallen, maar ze zijn het gewend. Ik typ hier elke dag.
Dit nieuws deel ik gelijk met al mijn vrienden en familie. Ik zet het op elke website en email het naar iedereen die ik ken. Daarna stuur ik de uitgeverij een email terug. Daar moet ik even op broeden, want ik heb geen idee wat ik eigenlijk wil zeggen. Het enige dat in me opkomt is: “YES!”. Maar dat is natuurlijk niet zo’n professioneel antwoord.
Terwijl ik typ, rinkelt mijn telefoon. Ik wip kort omhoog van de schrik en stoot er een pot pennen mee van de tafel.
‘Ja?’ vraag ik aarzelend, terwijl ik de pennen van de vloer af raap, me niet realiserend dat ik ben vergeten mijn naam te vertellen.
‘Is dit mevrouw Klodder?’
‘Ja, ja, dat ben ik,’ zeg ik met een gekunsteld lachje.
‘Fantastisch. Ik ben van Koender en Smits Uitgeverij. Ik heb u eindelijk aan de lijn. Ik bel al de hele ochtend.’
‘O, ja? Ik heb niets gehoord.’
‘Misschien had u het geluid uitstaan. Ik bel over uw manuscript. Ik weet dat we u net een mailtje hebben gestuurd, maar eigenlijk wil de uitgever u direct spreken. Bent u morgen beschikbaar voor een afspraak? Dan kunnen we gelijk de overeenkomst doornemen.’
‘Wat?’ Mijn stem fluctueert in toonhoogte. Ik schraap mijn keel. ‘Meent u dat?’ Ik leun achterover op mijn stoel.
‘Ja, hij was zo enthousiast over uw manuscript. Hij zegt dat het een echte kaskraker gaat worden en hij kan niet wachten om met u in zee te gaan.’
‘Wa –’ Ik verlies mijn balans en terwijl ik mijn ogen dichtknijp, val ik met de stoel keihard achterover op de vloer. ‘Au!’
Als ik mijn ogen weer open doe, lig ik nog steeds op de vloer, maar de stoel is verdwenen. Over me heen ligt een deken en mijn hoofd bonkt. Ik duw mezelf omhoog met mijn ellebogen en zie dan dat mijn benen omhoog liggen. Ik lig nog half in bed en ben er met mijn bovenlichaam uit gedonderd. Ik help mezelf overeind en gooi de deken van me af. Nou, mooie droom was dat. Te goed om waar te zijn. Waarom heb ik dat altijd?
Ik wrijf over mijn pijnlijke bult, rek me uit en gaap een keertje, voor ik mijn sloffen aantrek en mijn slaapkamer uit strompel. Ik loop naar mijn werkkamer en klik op het knopje van mijn computer. Al gapend wacht ik hij klaar is met opstarten en bekijk mijn inbox. Nul gemiste berichten. Dat dacht ik al.
Ik zet hem weer uit en loop de trap af. Schuifelend over de vloer ga ik naar de keuken en zet ik voor mezelf een flinke bak koffie. Miauw, mijn kat, praat alweer veelvuldig met me, vandaar zijn naam. Ik sjok naar de voordeur om hem naar buiten te laten en wanneer ik de deur weer dichtdoe, blijft mijn blik hangen op iets nieuws. Ik knipper een paar keer en staar ernaar met een open mond. In mijn brievenbus zit een envelop met daarop het embleem van Koender en Smits Uitgeverij. Misschien dat mijn eeuwige wens toch nog in vervulling gaat.
Subscribe to:
Posts (Atom)





- Follow Us on Twitter!
- "Join Us on Facebook!
- RSS
Contact